Je hebt het vast weleens gehoord: “geef me een goede businesscase, dan kan ik het intern verantwoorden”. Een uitspraak van veel influencers en beslissers. Ik heb ze gezien van de categorie “achterkant bierviltje” tot volledig kosten-batenanalyse. En er wordt veel op besloten. MAAR … een businesscase is vaak waardeloos vanwege een simpel natuurkundig principe. Nu ja, of het echt natuurkundig is weet ik niet. Ik koppel het aan natuurkunde, omdat ik tijdens dat vak er voor het eerst mee werd geconfronteerd. Het betreft “orde van grootte” of significantie.

 

Wij moesten bij onze natuurkundepractica nauwkeurig zijn. Dit betekende in onderzoek ook de schrijfwijze van waarden. Als je iets had gemeten en je schreef bijv. op 1 meter per seconde of 1.0 meter per seconde, dan maakte dat een groot verschil. 1 meter per seconde is namelijk een snelheid die ligt tussen 0,5 en 1,5 meter per seconde, terwijl 1,0 meter per seconde inligt tussen 0,95 en 1,05 meter per seconde; veel preciezer dus.

 

Ik heb hier overigens veel kratjes mee gewonnen door in mijn studententijd te beweren dat ik kon bewijzen dat 1 + 1 best 3 kan zijn. (NB: niet dat  1 + 1 ‘altijd’ 3 is)

 

De redenering gaat als volgt:

  • De waarde van 1 ligt volgens het hierboven uitgelegde principe tussen 0,5 en 1,5
  • Als 1 in beide gevallen van de ‘1 + 1′ de waarde 1,4 vertegenwoordigt
  • Dan is 1,4 + 1,4 = 2,8
  • En dat is in dezelfde notatie dan weer 3
  • QED & proost

 

Terug naar de businesscase. De meeste kostencomponenten hebben verschillende grootheden. En samen bepalen ze het resultaat. Hieronder staat een voorbeeld van meerdere grootheden met als belangrijke parameter hun significantie.

 

ROI businesscase is waardeloos

 

Als er dus maar één drietje (significantie = 3) of viertje tussen zit, is de uitkomst van de businesscase of ROI – die meestal enkele procenten voordeel oplevert – niet meer betrouwbaar, omdat de afwijking door de significantie minimaal van dezelfde significantie is als de uitkomst van de businesscase. Sterker nog: veel ROI’s beloven meerdere procenten voordeel, terwijl er enkele viertjes in de grootheden zitten; daarmee kan de ROI net zo goed negatief uitvallen.

 

Ik merk dat er heel vaak een drietje of een viertje in de businesscase zit, waarmee bijna elke businesscase waardeloos is. Dit nog bovenop het ‘gevoel’ dat velen hebben, dat je uit een businesscase kunt laten komen wat je wilt; er wordt wel naartoe gerekend. Veel interessanter vind ik dan ook de redenering die de businesscase hanteert. Als bij de belangrijkste grootheden een goed ‘verhaal’ zit, waarmee een besparing of voordeel aannemelijk wordt gemaakt, is het enige waar ik me nog druk over hoef te maken het zogenaamde ‘addertje onder het gras’. En dat is een stuk makkelijker discussiëren dan de zogenaamde heldere en vaste cijfers.

 

Overigens wordt deze misleiding niet alleen in ROI’s en businesscases toegepast. Ik zie het ook vaak in offertes en RFP’s. Sommige zaken worden tot ver achter de komma uitgerekend, terwijl andere met de Franse slag worden gecalculeerd. Wat zou het een tijd schelen om dan alles met de Franse slag te berekenen, maar wel de randvoorwaarden waarbinnen de prijzen gelden goed te omschrijven.

 

Auteur: Simon Voogd

Simon is business consultant bij Conceptsales en houdt zich bezig met portfolio ontwikkeling, portfolio management en innovatie bij opdrachtgevers.

Deel deze informatie eenvoudig met anderen: Share on LinkedIn0Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on Google+0